Zegt oma Dianne. We gaan terug naar het jaar 1997 toen internetdating nog **nieuw**was. Ineens was daar zoiets als een chatbox. Tjonge, dat was me een ding. Samen met twee huis-en tevens studiegenotes heb ik het hele (toenmalige) Nederlandse aanbod aan chatboxen binnen enkele maanden volledig uitgeplozen.
Uren, dagen, wekenlang zaten we achter een trage computer om zogenaamde spitsvondigheden te typen naar derden. Dit om het kaf van het koren te scheiden, als journalistes-in-spé hielden we toen al van taalgenieten. Eén mooie zin was alles wat ik vroeg. Breed omschreven profielen/voorkeuren/foto’s daar deed niemand aan. Karakter telde, hetgeen dus ontcijferd werd uit het verrichte typewerk. En verder was het simpelweg ‘in contact treden en wel zien’.
En dat wel zien, is precies wat je moet doen. Dat kan ik nu wel stellen na maanden research gepleegd te hebben over de do’s & dont’s van online daten.
Wij namen het behoorlijk letterlijk: Hordes jongemannen kwamen op audiëntie in studentenhuis W.I.L.D. Soms waren we lullig (door de bril van NU bekeken), dan weer aardig en er is zelfs een lange relatie uit voortgekomen. Indertijd was dat nog allemaal vrij bijzonder. ‘Hoezo durf je met iemand af te spreken waarvan je niet eens weet hoe hij er uitziet?’ ‘Kun je niet gewoon in de kroeg een kerel scoren?’, etc. Vragen die nu niet meer echt aan de orde zijn. En daarom zeggen wij van 5daters (ik spreek namens de rest bij deze) ga daten! Je komt immers pas tot je recht in het echte leven.
We bouwen een leuke chatfunctie in (waarmee je zo goed mogelijk jezelf kunt presenteren, we stimuleren de dialoog door tijdens het chatten willekeurige beelden langs te laten komen bijvoorbeeld.) waarna jullie allebei hopelijk snel op de just-coffee knop gaat drukken. Immers: ‘Deten = Weten!’